| RadioVisie.eu > Actueel > En toen kreeg de Radio ook een Visie (9) En toen kreeg de Radio ook een Visie (9) zaterdag 17 maart 2007 Het zal u misschien niet ontgaan zijn, RadioVisie viert dit jaar z'n tiende verjaardag op het internet. Daarmee is deze digitale mediakrant de oudste in z'n genre. Tel daarbij het feit op dat 'RadioVisie online' eigenlijk een logisch gevolg is van het gedrukte maandblad dat voor het eerst verscheen in... 1974 en meteen hebben u en wij een goede reden om met een nieuwe, langlopende reeks van start te gaan. Het complete verhaal 'achter' RadioVisie. Telkens op zaterdag. Want ergens is dit avontuur ooit begonnen, toch? TWEE DORSPGENOTEN Het najaar van 1973 diende zich aan. Na het leger zou Jean-Luc de weg naar het echte leven, het avontuur... en een nieuw radiomagazine, echt kunnen beginnen. The sky was the limit! Maar tussen plannen maken ze uiteindelijk realiseren, gaapt een Grand Canyon. Vaak ligt daarbij het toeval in de weg. En alweer had dit te maken met het Belgisch leger. Garnizoenstad Lüdenscheid telde drie kazernes, naast het inmiddels bekende 'De Leie', waren er ook nog 'Hellersen' en 'De IJzer'. Soldaten deden er dingen die je anno 2007 doorgaans op televisie ziet op survivaleilanden als dat van Robinson, of ze mochten Stanleys Route en Peking Express naspelen, maar dan in de Duitse deelstaat Noord-Rijnland-Westfalen. Alles ten behoeve van een goede conditie, onontbeerlijk om de communisten achter hun ijzeren gordijn te houden. Gelukkig was er ook tijd voor ontspanning, waarbij de drie Belgische 'kolonies' elkaar wel eens ontmoeten, op café, in de bioscoop, gewoon in de stad. Midden in de warme zomer van 1973 liep Jean-Luc een oude schoolvriend uit z'n geboortedorp tegen het vege lijf. Roland Bucket had een bed gekregen van de ABL in kazerne de IJzer. Algauw bleek dat hij in thuisland Vlaanderen voor Barco in Kuurne werkte. Toen vooral bekend als producent van televisietoestellen en radio's....
Het hoeft geen betoog dat na die ene ontmoeting er in snel tempo nog veel andere volgden, want beide jongemannen hadden een gezamenlijke passie ontdekt, die bovendien aanvullend was. Daar waar Jean-Luc hoofdzakelijk geïnteresseerd was in de radioprogramma's, wilde Roland ze vooral uitzenden. Kortom, er werden plannen gesmeed om, eenmaal terug in België, te starten met radio-uitzendingen. Het illegale aspect maakte hen enkel vastberadener. NAAR (DE) NOORDZEE Uiteindelijk zwaaide Jean-Luc het eerst af op 28 september 1973. Omdat hij niet naar z'n oude baantje als boekhouder terug wilde en een sollicitatie bij de PTT nog geen resultaat had opgeleverd, lagen er enkele weken vakantie in het verschiet. Een oud plan werd opnieuw bovengehaald. Ooit zou hij naar de kantoren van Radio Nordsee International (RNI) in het Zwitserse Zürich getrokken zijn, maar de liefdesperikelen van een nichtje met gebuisde vriend in datzelfde Zürich, hadden er in 1971 anders over beslist (zie deel 2). Het leek niet minder dan het ideale tijdstip om alsnog naar de grootste stad van Zwitserland te trekken. Er werd opnieuw contact gezocht met Eva Pfister. Deze aardige dame bleek nog steeds te werken als secretaresse van Mebo Ltd, het bedrijf dat o.a. eigenaar was van het zendschip Mebo II. Algauw werd duidelijk dat er in Zwitserland ten huize Mebo eigenlijk niets meer te beleven viel. Na een paar minder goede ervaringen met Nederlandse journalisten, hadden zaakvoerders Edwin Meister en Erwin Bollier bovendien beslist om geen pottenkijkers meer toe te laten. RNI werd intussen geëxploiteerd door de Nederlandse muziekuitgeverij Strengholt, waarbij het epicentrum van het radiostation nu in Bussum lag. Daar waren de landstudio’s en kantoren ondergebracht in een riante boerderij. ‘Die konden worden bezocht’, schreef Eva. Logisch volgde daarna de vraag of een tripje naar het zendschip misschien ook tot de mogelijkheden behoorde. Dat bleek moeilijker te liggen, maar Eva zou haar best doen. Anderhalve maand later zat Jean-Luc aan boord. Het maakte zoveel indruk dat de drang om erover te schrijven weer halsoverkop toenam. Het aansluitend bezoek aan de studio's in Bussum, versterkte de plannen nog.
MANNEN EN HUN PLANNEN Een nieuw Nederlandstalig radioblad was in de maak. Vreemd genoeg had, na het verdwijnen van Beatwave International midden 1972, zich niemand geroepen gevoeld om dit 'gat in de markt' aan te pakken. Wel waren er nog steeds een aantal Engelstalige publicaties (met Monitor op kop), zelfs een Frans en een Duitse periodiek (Radio News) verschenen met een zekere regelmaat en brachten vooral verhalen en nieuws over de zeezenders. Maar in de eigen moerstaal was er niks meer. Edoch, nauwelijks terug van het (Radio) Noordzee-avontuur, kon Jean-Luc onmiddellijk van start in het postkantoor van Menen. Een eerste hindernis op de weg naar een nieuw radioblad dus. Waarna op het einde van de maand Roland, de legerkompaan uit Lüdenscheid, afzwaaide. De magazine-plannen moesten daarop snel de baan ruimen voor uitzend-plannen. Eind 1973 was het gros van dat legermateriaal uiteraard al heel lang verkocht of verdwenen, maar 'de Amerikaan' had zich sindsdien weten te specialiseren in het aankopen en verkopen van zendmateriaal van de US Army. Vaak stak daar materiaal tussen dat lang na de oorlog was gebouwd. Je kon er uiteraard geen werkende zender kopen. Alleen 'kapotte' toestellen mochten verkocht worden van de overheid. Ook werkten deze legerzenders in specifieke banden. Maar het belangrijkste was dat ze te koop waren en dat handige Harries ze konden ombouwen voor o.a. middengolfuitzendingen.
RADIO ZONDER PROGRAMMA'S Al snel verhuisde een loodzwaar, maar desondanks draagbaar Collins exemplaar naar Geluwe, naar de Ieperstraat 50. Roland woonde er alleen, wat het gevaar op pottenkijkers reduceerde. Gerdy Decroix, zoon van een lokale kapper, maar net zo gek van radio, werd er als derde man bijgehaald. Want sleutelen aan een zender zonder schema was niet eenvoudig. Gerdy was selfmade techneut, en dat kon best nuttig zijn. De eerste tests, het toestel was inmiddels omgebouwd om te zenden in de 'visserijband', kwamen nauwelijks de straat uit. Maar dat bleek aan de antennetuner te liggen. Zekeringen en zekeringkasten gingen finaal aan flarden, stroomdraden brandden door, menige keer kreeg het drietal een elektrische schok te verwerken en de ritjes naar Kortrijk om reserve-onderdelen te zoeken, werden ontelbaar. Reken daarbij dat niemand van het illustere trio een auto had, maar enkel een fiets. Uiteindelijk werkte de zender begin november 1973, behoorlijk. Het signaal, enkel een fluittoon, was alvast in grote delen van Zuid-West-Vlaanderen te ontvangen. Hoe het in de rest van het land ging, bleef onduidelijk, want om dat te weten te komen, moesten er ook echte radioprogramma's worden uitgezonden waarin om ontvangstrapporten werd gevraagd. Maar dat was slechts een kwestie van het opnemen van enkele programmabanden. En stond er in Sint-Amandsberg niet een studio van ene Pierre Deseyn? Lees ook:
Reageer op dit berichtReactiesReactie van johan op za 17 maa 2007 om 11:46 Ik wist dat er Geluwe nog een zender gestationeerd was, met namen van 2 medewerkers, maar nu ben ik ook de naam van de derde persoon gevallen. Goeie artikelreeks overigens. |








